CO2-opslag, duurzame innovatie of symptoombestrijding?

14 mei 2021
CO2-opslag, duurzame innovatie of symptoombestrijding?
14 mei 2021

CO2-opslag in een leeg gasveld onder de Noordzee. Deze megaonderneming met de naam Project Porthos, is een grote stap dichterbij gekomen. Dit dankzij een overheidssubsidie van 2,1 miljard Euro. De methode heet CCS (Carbon Capture and Storage). Broeikasgas uit de lucht filteren en veilig opbergen klinkt duurzaam. Maar is het dat ook? Of valt ook dit project in de categorie Duurzame Dilemma’s?


De industrie moet verduurzamen

Nederland heeft een grote, goed draaiende industrie. Deze industrie brengt welvaart en economische zekerheid. Hier profiteren we allemaal van. Tegelijk is deze sector een enorme vervuiler. De industrie moet duurzaam worden. Er is geen weg terug.


In het klimaatakkoord staat dat de totale uitstoot van CO2 in Nederland in 2030 49% lager moet zijn dan in 1990. De uiteindelijke uitstoot moet in 2050 omlaag met 90%. Dat lijkt ver weg, maar is het niet. Om de klimaatdoelstellingen te halen, moet de industrie de CO2-uitstoot de komende tien jaar fors verminderen. Dat lukt niet met alleen maar een paar kleine verbeterpuntjes.


Simpel gezegd zijn er in principe drie mogelijkheden om de doelstellingen te halen:

  1. Energie besparen
  2. Overstappen op duurzame energiebronnen
  3. Afvangen en opslaan van CO2 voordat het in de atmosfeer komt


Veel van de oplossingen moeten nog (door)ontwikkeld worden. Ze zijn nog niet klaar voor toepassing op grote schaal. Daarbij valt de denken aan groene waterstof, hernieuwbare brandstoffen, elektrificatie, etc. CO2-opslag blijkt daarom nodig voor het halen van de klimaatdoelstellingen.

Vier bedrijven in de haven van Rotterdam doen mee aan Project Porthos: Shell, ExxonMobil, Air Liquide en Air Products. Tegelijk is ook Haven Amsterdam samen met TataSteel, Gasunie en EBN begonnen aan de voorbereidingen voor soortgelijke projecten. Zodra alle vergunningen rond zijn, kan in 2023 begonnen worden met het afvangen en opslaan van CO2 ongeveer 20km voor de Nederlandse kust.


2,1 miljard Euro subsidie

Industriële bedrijven moet betalen voor de CO2-emissie. De opslag van CO2 is een kostbaar proces. Daarom zijn subsidies zijn nodig om het project betaalbaar te maken. De CO2-emmissie rechten kosten 50 Euro per ton. De opslag van CO2 kost 80 Euro per ton. De overheid betaalt de kostendelta.


De subsidie van ruim 2 miljard komt uit de zogeheten SDE++-regeling van het Ministerie van Economische Zaken. Voluit heet de regeling Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie. Het geld komt uit dezelfde geldpot die ook gebruikt wordt om windparken en andere groene energieprojecten te subsidiëren. De overheid wil met deze subsidie de eerste project mogelijk maken. Toekomstige projecten worden goedkoper door leereffecten en schaalvoordelen. Na verloop van tijd is overheidssteun dan niet meer mogelijk. 


CO2-opslag is niet nieuw

De CCS-methode wordt al geruime tijd in Noorwegen en Canada gebruikt. Met name Noorwegen heeft hier goede ervaringen mee. Al 20 jaar wordt de techniek toegepast. Tot nu toe zonder grote technische problemen en tot tevredenheid van de bevolking.


De toepassing verschilt echter van het Nederlandse project. Noorwegen en Canada pompen CO2 in de grond om restjes olie en gas uit ondergrondse velden te krijgen.


Project Porthos kan wereldwijd het eerste zijn waarin op grote schaal CO2 opgeslagen wordt. Met het doel CO2 te reduceren. Een enorme innovatie. Nederland heeft daarmee de kans om kennis op te bouwen die wereldwijd van waarde kan zijn.


Maar is het ook duurzaam?

Er zijn wel grote vraagtekens over de duurzaamheid en de kosten van CCS. Is het niet gewoon een vorm van greenwashing?

Milieuorganisaties zijn sceptisch. “De omslag naar een groene economie vraagt om echte maatregelen, geen verdwijntrucs” stelt Greenpeace. Natuur & Milieu en de Jonge Klimaatbeweging sluiten zich hierbij aan.


Ze krijgen bijval uit onverwachte hoek: FNV Tata Steel. De vakbond wil dat de subsidies voor CO2-opslag teruggedraaid worden. In plaats daarvan zou het geld uitgegeven moeten worden aan een plan om binnen vijf jaar af te stappen van de productie van steenkool. Op de langere termijn zou Tata Steel moeten overstappen op waterstof als brandstof. FNV wil een snelle haalbaarheidsstudie naar hun voorstellen.

Echter hebben verschillende studies al laten zien dat de verduurzaming van de industriesector te langzaam gaat. Moet je hierop wachten? Of alvast een deel van het geld uitgeven om de uitstoot van broeikasgas terug te dringen? Ook al is het simpel symptoombestrijding?


Zure nasmaak

Misschien was het mogelijk geweest om de klimaatdoelen zonder CCS te halen. Maar dan had er veel eerder en steviger ingezet moeten worden op CO2-reductie. Het dilemma is dat subsidie onvermijdelijk lijkt om op de korte termijn de klimaatdoelen te halen. Daar ontstaat een zure nasmaak. Want betekent dit niet eigenlijk dat lobby’s, die baat hebben bij het afremmen van het klimaatbeleid, nu profiteren van juist deze subsidies?


Conclusie

Op lange termijn moet energie uit duurzame bronnen gewonnen worden. En dan ook nog voor een betaalbare prijs. Maar het duurt nog wel 50 jaar voordat deze de energiebehoefte kunnen opvangen.


De CO2-uitstoot moet omlaag. Dat betekent dat de grote vervuilers hun uitstoot moeten verminderen. Tijd is hierbij cruciaal. De wereld kan niet wachten totdat de energietransitie voltooid is. Daarom hebben we niet de luxe om tussenoplossingen, zoals CO2-opslag, uit te sluiten. Dat betekent dat de subsidies noodzakelijk zijn. Is dit ideaal? Zeker niet. Ze moeten dienen als versneller voor innovatie. En niet als verdienmodel voor de fossiele industrie.



Verder mag de inzet van CCS niet ten koste gaan van innovatie en technieken die ons op de lange termijn afhelpen van CO2 uitstoot.

Deel dit blog

gerelateerde artikelen

door Loege Schilder 13 maart 2026
First Solar is een van de grootste producenten van zonnepanelen ter wereld en richt zich vooral op grootschalige zonne-energieprojecten, zoals zonneparken. Het Amerikaanse bedrijf onderscheidt zich doordat het een andere technologie gebruikt dan de meeste concurrenten. Waar veel fabrikanten zonnepanelen maken op basis van silicium, gebruikt First Solar een zogenoemde dunne-filmtechnologie. Daarmee heeft het bedrijf een sterke positie opgebouwd in de wereldwijde zonne-energiemarkt. Met productielocaties in onder andere de Verenigde Staten, Vietnam, Maleisië en India levert First Solar zonnepanelen aan energiebedrijven en ontwikkelaars van grote zonneparken wereldwijd. Meer dan 90% van de omzet is afkomstig uit Noord-Amerika.
door Loege Schilder 13 maart 2026
Wolters Kluwer heeft zich in twee eeuwen ontwikkeld van een Nederlands familiebedrijf tot een wereldwijde marktleider in digitale oplossingen. In 1987 kreeg Wolters Kluwer zijn huidige vorm door de fusie van Kluwer en Wolters Samsom. Onder leiding van CEO Nancy McKinstry (van 2003 tot 1 maart 2026) transformeerde het bedrijf van een traditionele papieren uitgever naar een wereldwijd softwarebedrijf. Wolters Kluwer is actief in meer dan 140 landen, waarbij meer dan 60% van de omzet wordt gegenereerd in Noord-Amerika en circa 30% in Europa. Het bedrijf combineert diepgaande vakkennis met geavanceerde technologie die onmisbaar is voor professionals in de zorg, juridische en fiscale sector. De software van Wolters Kluwer is diep ingebed in bedrijfskritische processen en kenmerkt zich door betrouwbaarheid en precisie, wat resulteert in een uitzonderlijk hoge klantloyaliteit.
door Loege Schilder 9 maart 2026
Sinds de aanvallen van de VS en Israël op Iran staan de effectenmarkten onder druk. In deze marktupdate geven we je inzicht in de koersreactie bij gewapende conflicten. Zoals altijd is geen enkele situatie hetzelfde en spelen er nu specifieke dynamieken op de markten. Ook daar gaan we op in. Belangrijkste punten: 1) Bij gewapende conflicten is de koersreactie meestal van korte duur. 2) Wanneer de oorlog langer duurt, leidt de hogere olieprijs waarschijnlijk tot hogere inflatie en rentes 3) Financiële markten twijfelen aan de terugverdientijd van de hoge investeringen in AI-infrastructuur 4) Software aandelen zijn aan herstel begonnen sinds 25 februari Na de aanvallen in Iran ontstond tumult op de financiële markten. De Straat van Hormuz, een belangrijke doorvaarroute voor olietankers, werd afgesloten waardoor de olieprijs fors steeg. Opvallend was dat Europese aandelen vorige week ruim 5% daalden, terwijl Amerikaanse aandelen slechts 2% daalden. Omdat de VS zelf een grote olie- en gasproducent zijn, was de Amerikaanse aandelenmarkt veel minder gevoelig voor de onrust. De sterker wordende Amerikaanse dollar beperkte het verlies op Amerikaanse aandelen nog verder. Bij gewapende conflicten zien we meestal een schrikreactie waardoor de koersen dalen. Na verloop van tijd ebt dat effect vrijwel altijd weg, omdat de invloed van een gewapend conflict op de wereldeconomie en de bedrijfswinsten beperkt is op lange termijn. Onze verwachting is dat ook in dit geval de koersen weer binnen enkele maanden herstellen. Het belangrijkste effect van de aanvallen is dat de olieprijs stijgt. Voor veel mensen zal dat een deja vu geven naar 2022. Door de Russische inval in Oekraïne en de daaropvolgende sancties schoten de energieprijzen ook omhoog. Het leidde tot een inflatieschok. De prijzen van veel producten hangen in meer of mindere mate samen met de energieprijzen. Centrale banken werden gedwongen de rente te verhogen en dat leidde tot druk op de prijzen van met name groei-aandelen. Wanneer de oorlog langer duurt zal de hoge olieprijs opnieuw de inflatie opstuwen, waardoor de kans op de door de Amerikaanse regering gewenste renteverlaging verdwijnt. Die lage rente is gewenst om verschillende redenen. Ten eerste zorgt een lagere rente ervoor dat de hoge staatsschuld minder zwaar drukt op de overheidsbegroting. Daarnaast zorgt een lage rente voor lagere lasten op bijvoorbeeld de hypotheek, studieschulden en leaseverplichtingen. De laatste maanden zien we dat de investeringen in datacenters ook steeds vaker met leningen worden gefinancierd. Hogere rentelasten zorgen ervoor dat het langer duurt om de investeringen in datacenters terug te verdienen. Geruime tijd waren beleggers erg enthousiast over de investeringen in datacenters, maar sinds enkele maanden is die houding bijgesteld. De koersen van de grootste investeerders zijn niet verder gestegen. AI-bedrijven groeien nog steeds snel, maar toenemende verliezen en twijfels over de afschrijvingsperiode van chips winnen terrein. Steeds meer analisten geven aan dat er te veel geïnvesteerd wordt. Voor ieder individueel bedrijf is het logisch om te investeren, maar als de afzonderlijke investeringen bij elkaar opgeteld worden is de gezamenlijke capaciteit waarschijnlijk veel te groot. De toegenomen onrust als gevolg van de aanvallen op Iran kan ervoor zorgen dat de investeringen in AI opnieuw tegen het licht worden gehouden met vertraging tot gevolg. Dat zou goed nieuws betekenen voor aandelen van dienstverleners en software-bedrijven. Die staan al maanden onder druk omdat de opkomst van AI ten koste zijn gaan van deze bedrijven. Sinds de laatste week van februari herstellen de koersen van software-aandelen. De aanzet voor het herstel kwam van Jensen Huang, de topman van Nvidia, die aangaf dat AI de rol van software niet overneemt, maar juist er juist voor zorgt dat software nog belangrijker wordt. Beleggers pikten de zwaar afgestrafte software aandelen weer op. Impact DB Flagship Fund In een omgeving met meer onzekerheid, hogere energieprijzen en minder speculatief gedrag op de financiële markten presteert het DB Flagship Fund goed. Sinds 1 maart staat de portefeuille +/- 1,5% in de plus. Het fonds profiteert van de sterkere Amerikaanse dollar en de beschermingsstrategie. Gegeven de onzekerheid blijft onze focus om het vermijden van onnodige risico’s, maar waar mogelijk proberen we te profiteren van kansen die zich voordoen.
Lees alle blogs