door Loege Schilder
•
2 april 2026
In maart is het DB Flagship Fund veel beter blijven liggen dan de brede markt. Aandelen daalden omdat het risico toenam door de aanvallen op Iran. De beschermingsstrategie met opties compenseerde een groot deel van het verlies op de aandelen. Per saldo verloor het fonds -0,9% over de maand, terwijl Europese aandelen -7,7% daalden en wereldwijde aandelen ook ruim -4% teruggingen. Hoewel een negatieve maand teleurstellend is, geeft het wel vertrouwen dat het fonds aanzienlijk beter bleef liggen dan de markt. De afgelopen maanden hebben we uitgebreid onderzocht of de strategie nog steeds toegevoegde waarde biedt. De conclusie is dat het afgelopen jaar extreem negatief is geweest voor onze strategie. Dat is sinds data beschikbaar is van kwaliteitsaandelen één keer eerder gebeurd en toen was het de opmaat voor een extreem goede periode voor kwaliteitsaandelen. Wij houden dus vertrouwen in onze strategie. Tijdens het onderzoek hebben we ook onderdelen gezien die beter kunnen, bijvoorbeeld de optiestrategie en het gebruik maken van momentum. In de maand maart zorgde de aangepaste optiestrategie voor het verschil. Hoe kan het DB Flagship Fund zo sterk achterblijven? De analyse begint met de vaststelling dat het fonds sinds eind februari 2025 in een dalende trend zit. In eerste instantie was de aanleiding duidelijk: de dreiging en de invoering van de Amerikaanse handelstarieven zorgden voor dalende koersen. Tijdens de daling verloor het fonds ruim 4% minder dan een benchmark van Amerikaanse en Europese aandelen. Daarna herstelden de brede aandelenindices echter, terwijl het DB Flagship Fund achterbleef. Ligt dat aan het fonds, of aan de keuze voor duurzame kwaliteitsaandelen en het risicobeheer met opties. In de portefeuille selecteren we kwaliteitsaandelen die duurzamer dan gemiddeld opereren en dekken we het risico af met opties . Kwaliteitsaandelen zijn aandelen van bedrijven met o.a. een competitief voordeel, een hoge winstmarge, stabiele omzet- en winstgroei en lage kapitaalintensiteit. Over de periode 1994-2026 presteert de MSCI Quality index 3,6% beter per jaar dan de brede marktindex, terwijl het maximale verlies in die periode 48% bedraagt tegenover 58% voor de brede index. Hoger rendement en lager risico. In 2025 bleven kwaliteitsaandelen echter 5% achter bij de brede index. De duurzame MSCI World SRI index presteert op lange termijn vergelijkbaar met de brede index, maar heeft een iets lager maximaal verlies. Tot 2024 presteerden duurzame aandelen beter, maar in 2024 en 2025 bleven duurzame aandelen per jaar ruim 5% achter bij de brede index. Ook van de risicomanagement strategie met opties is een index die ons objectieve rendement-risico statistieken geeft: Cboe S&P 500® 30-Delta BuyWrite℠ Index (BXMD℠). Over de periode 1986-2025 behaalt deze index 0,5% minder jaarlijks rendement dan een mandje met alleen de aandelen, maar daar staat tegenover dat de koersschommelingen 30% lager uitkomen en dat het maximale verlies ruim 8% minder is. Helaas presteerde deze strategie ook minder in 2025: 5,8%. Een combinatie van de drie factoren heeft op lange termijn +/- 3% meer rendement per jaar opgeleverd dan de wereldwijde aandelenindex met +/- 15% minder maximaal verlies (50% daling wordt 35%). Helaas zijn er ook periodes dat de strategie achterblijft zoals in 2025. Dat is het risico dat je loopt voor het extra rendement en de lagere drawdown. In het verleden zijn er vaker periodes geweest waarin de factoren achterbleven bij de index en in iedere situatie is die achterstand weer ingelopen. Anders zou het gemiddelde rendement immers veel slechter uitkomen. De onderstaande grafiek toont het rendementsverschil over 6 maanden voor kwaliteitsaandelen. De huidige underperformance is uitzonderlijk groot en slechts één keer eerder voorgekomen: in 1999. Destijds werd de negatieve periode gevolgd door een uitzonderlijk positieve periode voor kwaliteitsaandelen waarin de underperformance ruim werd goedgemaakt.